Moerasspirea - Spiraea ulmaria L.

Franse benaming:  Ulmaire.
Engelse benaming: Meadowsweet.
Duitse benaming:   Spierstaude.

Botanische beschrijving:Familie: Rosaceae.
Wordt ook wel Filipendula ulmaria L. genoemd. Moerasspirea wordt 30-60cm hoog, is een overblijvende plant met een krachtige, stijf en gegroefde stengel. De bladeren zijn groot, van boven donkergroen en van onderen vaak witviltig, samengesteld met 5-17 blaadjes van ongelijke grootte, gezaagd. Het topblaadje is handvormige gespleten, met gezaagde steunblaadjes aan de voet. Ze heeft roomwitte bloemen die in juni-augustus bloeien. Ze zijn klein en staan in onregelmatig gevormde bijschermen. De plant heeft een knopig verdikte vlezige wortelstok.

Gebruikte delen: Bloem - Spiraeae Herba. Aftreksels nooit laten koken!

Inhoudsstoffen:
0,2% Etherische olie, Looistoffen, Flavonglycosiden, Slijmstoffen en Salicylzuur.

Geneeskracht: Moerasspirea is urinedrijvend en antireumatisch
Inwendig: Bij jicht en reumatische aandoeningen, vooral als deze gepaard gaan met hartklachten of onregelmatige hartslag.
Uitwendig: Zwak samentrekkende en wondhelende eigenschappen. Ook uitwendig bij gewrichtspinen van reumatische aard.

Teelt en oogst
De bloeiende toppen worden vanaf juni in volle bloei geoogst en moeten snel worden gedroogd. Leg er een doek onder om de bloemen die afvallen in op te vangen. Niet boven de 40º C drogen!

Bij- en/of nevenwerkingen
Bij- of nevenwerkingen zijn niet bekend. Behandelingen dienen dagen tot weken te worden toegepast. Overdosering kan tot overgeven of maagklachten leiden.



Index

Laatst bijgewerkt: 25-2-2003 ©Will Schörgers, Herborist